Tonichttps://tonic.vice.com/nlRSS feed for https://tonic.vice.comnlThu, 13 Dec 2018 15:22:55 +0000<![CDATA[Dit is waarom slecht zien en slecht slapen vaak samengaan]]>https://tonic.vice.com/nl/article/mbyv7y/dit-is-waarom-slecht-zien-en-slecht-slapen-vaak-samengaanThu, 13 Dec 2018 15:22:55 +0000 Ons lichaam wordt standaard geleverd met een gratis interne klok. Deze klok zorgt ervoor dat onze hersenen en organen zich op tijd voorbereiden op wakker worden, eten en slapen, zonder dat we daar iets voor hoeven te doen. Helaas is het niet zo moeilijk om die klok in de war te brengen. Teveel licht voor het slapen gaan houdt onze hersenen al voor de gek. ‘s Avonds laat nog even op Instagram kijken bijvoorbeeld zorgt ervoor dat we daarna lastiger in slaap vallen. Maar hoe is het als het altijd donker is? Voor mensen die slecht zien of blind zijn is een goede nachtrust niet vanzelfsprekend.

De meeste mensen hebben een natuurlijk dag- en nachtritme van ongeveer 24 uur. Zelfs als je geen idee zou hebben of het buiten donker of licht is en je niet zou kunnen zien hoe laat het is, zou je dit ritme aanhouden. Handig, want daardoor staan bijvoorbeeld je maag en alvleesklier al in de starthouding voordat je aan je ontbijt begint. Ook zorgt het ervoor dat je lichaam meer van het hormoon cortisol aanmaakt tegen de tijd dat je normaal gesproken zou opstaan, zodat je wakker genoeg bent voor een nieuwe dag.

Weinig licht overdag, of veel licht in de avond onderdrukt de natuurlijke melatonine-cyclus waardoor ons dag- en nachtritme in de war raakt.

Het probleem is dat ons interne ritme niet precies 24 uur is. Bij de meeste mensen is het iets langer, gemiddeld zo’n 24,2 uur. We hebben dus de neiging om elke dag net iets later te gaan slapen en net iets later op te staan. Normaal gesproken trekken je hersenen dat ritme weer recht door te reageren op het licht van buitenaf. ‘s Ochtends veel licht, en ‘s avonds voor je gaat slapen juist weinig licht, zorgen ervoor dat je geen nachtbraker wordt. Dus een avondje Netflix is wel chill, maar niet voor je interne klok.

Lichtgevoelige cellen in het netvlies van je oog nemen waar of het donker of licht is en gebruiken dat signaal om de interne klok af te stellen op ons 24-uurs ritme. De pijnappelklier in de hersenen maakt ‘s avonds meer melatonine aan, een hormoon dat ons lichaam een seintje geeft dat het bedtijd is, waardoor we makkelijker in slaap vallen en ‘s nachts doorslapen. In de ochtend neemt de hoeveelheid melatonine af, en worden we wakker. Weinig licht overdag, of veel licht in de avond onderdrukt de natuurlijke melatonine-cyclus waardoor ons dag- en nachtritme in de war raakt.

Als de lichtreceptoren in je oog niet meer werken, of je geen ogen meer hebt, zorgt dat voor vergelijkbare problemen. Mensen die blind zijn of weinig zien, hebben niet die feedback van het licht. Daardoor hebben ze vaak problemen met in slaap vallen. Soms worden ze ‘s nachts vaak wakker, of zijn ze juist overdag slaperig.

Luc Schlangen deed bij Signify (voorheen: Philips Lighting) onderzoek naar de effecten van licht op de gezondheid, en weet hoe ingrijpend de gevolgen kunnen zijn als je ogen te weinig of geen licht waarnemen. “Zonder de feedback van licht gaat je interne klok lopen met zijn eigen (intrinsieke) periode. Die is bij veel mensen ongeveer een kwartiertje langer dan 24 uur. Dat lijkt niet zo erg, maar een kwartier per dag zorgt ervoor dat de interne klok na 48 dagen twaalf uur uit de pas loopt. Het is dan net alsof je in Nederland bent terwijl je biologische klok in Australië tikt. Je ervaart dan een tijdje jetlag-achtige slaapproblemen. In de weken daarna gaat je interne klok weer langzaam meer in de pas lopen, je slaapproblemen worden dan minder. Dan heb je een periode nergens last van, totdat het verschil tussen je biologische klok en het 24-uurs ritme weer te groot wordt.”

"Ik [wilde] helemaal niet stoer doen, ik wilde gewoon slapen.”

Fabiën van Kleven (28) heeft altijd slecht gezien en is sinds haar 18e helemaal blind. “Ik zag altijd vijf procent, en hoewel dat weinig lijkt, is het een wereld van verschil met niets zien.” Als ik haar bel komt ze net thuis van haar werk als receptioniste. Op de achtergrond hoor ik haar spraakgestuurde oven, die aan het opwarmen is voor een pizzaatje. Fabiën heeft al zo lang ze zich kan herinneren problemen met slapen. “Het komt in periodes, het is nu net weer een slechte week. Ik hou het niet precies bij, maar ik slaap vaak een paar weken goed en daarna is er weer een tijd dat ik ‘s nachts steeds wakker wordt. Dan ga ik wat luisteren of drink een beker warme melk, en met een beetje geluk val ik dan weer in slaap. Maar als er iets belangrijks aan komt of als ik druk ben in mijn hoofd, is het erg lastig. Daarom gebruik ik sinds kort valeriaan met melatonine, om te kijken of dat de situatie verbetert.

Ook Chris van Wijk (26) worstelt al lang met dit probleem. “Toen ik klein was kwamen mijn ouders nog wel eens checken ‘s avonds laat: Nou, stoer hoor, dat je nog wakker bent! Terwijl ik helemaal niet stoer wilde doen, ik wilde gewoon slapen.” Chris is al zijn hele leven blind door zuurstofgebrek bij zijn geboorte. Hij werkt ook als receptionist en probeert in ieder geval de avonden voordat hij moet werken op tijd naar bed te gaan. “Het is frustrerend als je dan om drie uur nog wakker ligt. Meestal zet ik dan wat muziek op of een filmpje op Youtube. Ik heb ook moeite met doorslapen dus ik maak vaak korte nachten.

Hoewel er zo’n 76.000 mensen blind zijn in Nederland, hebben die niet allemaal last van slaapproblemen. “Sommige blinde mensen kunnen met bijna 100 procent zekerheid zeggen of het licht of donker is,” zegt Luc Schlangen. “Ze hebben nog wel werkende receptoren voor licht en donker, ook al zien ze niks. Je ziet dat bij die mensen de melatoninespiegel ‘s avonds nog wel gewoon toeneemt, zij hebben dan niet die typische cyclische slaapproblemen. Wel is het zo dat veel blinde en slechtziende mensen sowieso vaak moe zijn, omdat ze meer energie kwijt zijn aan normale activiteiten waarbij wij ons zicht gebruiken, maar zij afhankelijk zijn van andere zintuigen.”

Volgens een wetenschappelijke review uit 2007 ligt 14 tot 83 procent van de mensen met een visuele beperking vaak te woelen in bed. Mensen die niets zien hebben er veel vaker last van dan mensen die nog wel iets zien. Precieze getallen zijn moeilijk te geven omdat veel mensen die slecht zien ook nog andere gezondheidsproblemen hebben, die kunnen bijdragen aan het slaapprobleem.

“Als ik naar bed ga lig ik meestal zeker een uur te denken: wat doe ik hier eigenlijk?"

Dat is ook het geval bij Daphne van der Meer (19). Ze heeft nystagmus, een ziekte waardoor je ogen steeds snel heen en weer bewegen, wat ervoor zorgt dat je erg wazig ziet. Ze ziet daardoor nog ongeveer 10 procent. Ook heeft ze epilepsie. Sinds een jaar of twee heeft ze last van slaapproblemen, maar of die daardoor komen of door haar slechtziendheid is onduidelijk. “Als ik naar bed ga lig ik meestal zeker een uur te denken: wat doe ik hier eigenlijk? En als ik dan eindelijk slaap gebeurt het best vaak dat ik halverwege de nacht weer wakker word. Als ik een epileptische aanval heb gehad, val ik juist wel makkelijk in een diepe slaap, maar word dan alsnog rond een uur of drie weer wakker. Vaak zoek ik dan filmpjes op Youtube en val ik pas tegen de ochtend weer in slaap. Als ik de dag erna stage heb of school, heb ik daar veel last van. Ik gebruik mijn ogen nog best veel tijdens het werken. Als ik slecht heb geslapen kost dat me veel meer moeite en moet ik werken met het spraakprogramma op mijn computer.”

Voor veel mensen met een visuele beperking kan melatonine in pilvorm een goede oplossing zijn tegen slaapproblemen. Schlangen: “Net als dat licht de interne klok kan regelen, kan de getimede inname van melatonine dat ook. Stel dat je pas om zes uur ‘s ochtends slaperig wordt, dan kan je om vier uur ‘s nachts een pil nemen. Je vervroegt daardoor kunstmatig de melatoninepiek. Je lichaam past zich daarop aan, waardoor je de volgende dag eerder slaperig zult worden. Zo kan je langzaam de klok verzetten tot je een meer wenselijke bedtijd hebt bereikt.”

De meeste blinde proefpersonen die meededen aan verschillende onderzoeken vielen inderdaad makkelijker in slaap en sliepen langer door, na de behandeling met melatonine. Maar je moet er wel voorzichtig mee zijn: neem het te vroeg of te laat en je loopt het risico je slaapritme nog verder te ontregelen. En zodra je er mee stopt gaat de klok weer langzaam opschuiven. Je zult dus elke dag de melatonine moeten blijven slikken op een vast tijdstip.

Niet iedereen wil afhankelijk zijn van medicatie. Daphne gebruikt op aanraden van haar arts tegenwoordig wel slaappillen, maar zette eerder altijd een luisterboek op voor het slapen gaan. “Ik kies daar expres een nogal saai boek voor uit, waar ik niet echt mijn aandacht bij kan houden, en zorg ervoor dat hij vanzelf uitgaat na een half uur.” Chris kiest ervoor om geen medicijnen te gebruiken. “Ik heb er in mijn dagelijks functioneren niet zo veel last van dat ik dat wil doen. Ik zet wel vaak muziek op ‘s avonds, dat ontspant en leidt een beetje af.”

]]>
mbyv7yCoretta JongelingCharissa PromesSlapenblindheidzichtmélatonineslecht zichtvisuele beperking
<![CDATA[We spraken vier Nederlandse vrouwen die het liefst in hun eentje eropuit gaan]]>https://tonic.vice.com/nl/article/a3mawk/we-spraken-vier-nederlandse-vrouwen-die-het-liefst-in-hun-eentje-eropuit-gaanWed, 12 Dec 2018 14:25:59 +0000 Het gebeurt niet vaak dat je iemand in zijn eentje aan een tafeltje in een restaurant ziet zitten, dat iemand alleen haar verjaardag viert of dat je iemand tegenkomt die in zijn of haar eentje bij een festival of concert is. Toen actrice Anna Kendrick bij Ellen vertelde dat ze haar verjaardag in haar eentje had doorgebracht stamelde Ellen: “Really? That’s weird.”

Mijn beste herinneringen aan solo-ervaringen heb ik van dingen die de meeste mensen samen doen. In mijn eentje naar een concert aan de andere kant van het land gaan, Nederlandse steden ontdekken, naar het strand gaan, naar de bioscoop. Vooral toen ik nog een studenten-ov had, reisde ik in mijn eentje het hele land door.

De vrijheid, onafhankelijkheid en rust die alleen zijn met zich meebrengt, zijn moeilijk te evenaren met andere mensen erbij. Toch is bewust alleen zijn voor veel anderen maar een vreemd concept. Ik sprak vier vrouwen die weinig chiller vinden dan alleen zijn en lak hebben aan alle vooroordelen eromheen.

Suzanne (31)

Vroeger was het feit dat ik vaak alleen was niet mijn eigen keuze. Ik werd gepest, was depressief en had weinig vrienden. Toen ik rond mijn achttiende een groep goede vrienden kreeg, kwam ik erachter hoeveel ik van alleen zijn was gaan houden. Als ik iets leuk met ze heb gedaan, vind ik het zo fijn om daarna weer helemaal mijn eigen ding te kunnen doen.

Nu doe ik bijna alles alleen: winkelen, naar de bioscoop gaan, strandwandelingen maken, naar musea gaan. Als ik alleen ben kan ik precies doen wat ik zelf wil en hoef ik geen rekening met anderen te houden. Als ik in de bioscoop ben kan ik ook meer van de film genieten als ik alleen ben. En als ik naar huis wil, dan kan dat. Als ik nog ergens anders heen wil, dan kan dat ook. In de stad vergeet ik ook weleens dat ik met een ander ben. Dan stap ik bijvoorbeeld de tram uit zonder dat tegen de ander te zeggen. Zo erg ben ik het inmiddels gewend om dingen in mijn eentje te doen.

"Dat ik alleen op vakantie ga vinden mensen vooral heel stoer, ze bewonderen het."

Ik ga ook wel eens alleen op vakantie. De eerste keer dat ik dat deed vond mijn moeder het eigenlijk maar niks, maar ik deed het toch, omdat het als een overwinning op mezelf voelde. Door in mijn eentje op vakantie te gaan bewijs ik aan mezelf dat ik het goed doe, dat ik functioneer. En dat geloofde ik vroeger niet door mijn depressie.

Ik vind het ook gezellig om dingen met mijn vrienden te doen, hoor. Maar vaak is het ook gewoon makkelijker om het alleen te doen. Als ik ineens naar het strand wil, heb ik geen zin om eerst iemand te zoeken die met mij mee kan. Dus dan ga ik gewoon. Het is echt zonde als je iets niet gaat doen omdat je niemand kan vinden om mee te gaan.

Ik krijg eigenlijk nooit rare reacties, mensen begrijpen wel dat ik graag alleen dingen onderneem en ze zijn het gewend. Dat ik alleen op vakantie ga vinden mensen vooral heel stoer, ze bewonderen het.

Liesbeth (30)

“Ik reis heel veel alleen en kan me niet voorstellen hoe het zou zijn om ineens met anderen op vakantie te gaan. Ik hoef me niet aan te passen, ik ben vrij om te gaan en staan waar ik wil en daar hoef ik geen vragen over te beantwoorden. Alleen op reis gaan is een van de beste manieren om zelfstandig te worden. Toen ik het voor het eerst deed, ging ik met een gids naar de steppe in Mongolië. Dat was zo heftig. Ik had het geromantiseerd, maar in realiteit zit je elke dag uren op een paard in een landschap dat niet verandert. Er waren helemaal geen prikkels. Het was zo verschrikkelijk saai en na de tweede dag kon ik alleen nog maar huilen. Toen ben ik spelletjes gaan spelen in mijn hoofd en hele filmscenario's en romans gaan bedenken. Zo veranderde ik een ongelukkige situatie zelf in een goede ervaring. Na die reis dacht ik: zo, dit heb ik toch maar even gedaan.

Je leert zo ontzettend veel van alleen reizen: hoe je reageert op dingen en wat je wel en niet fijn vindt. Ook ben ik zelfverzekerder geworden. Niet dat ik geen onzekerheid meer ken, alle behalve, maar als je alleen reist moet je het echt zelf doen. Thuis heb je dat niet zo snel. En daarnaast, als je alleen reist ontmoet je veel sneller nieuwe mensen, en dat is paradoxaal genoeg juist óók wat soloreizen zo leuk maakt.

“Als je veel alleen bent, wordt je onafhankelijk en zelfstandig. Dan weet je wie je bent en wat je aan jezelf hebt en dat is heel waardevol.”

Maar thuis ben ik ook het liefst alleen. Ik ben al zo lang ik me kan herinneren zo. Mijn zusje had vroeger altijd allemaal mensen over de vloer, terwijl ik vaak alleen op mijn kamer zat te lezen. Ik woon nu ook al elf jaar alleen. Als ik me niet lekker voel of niet goed in mijn vel zit, is mijn eerste reactie om alleen te zijn.

Sommige mensen hebben nog veel te weinig door dat alleen zijn echt een bewuste keuze kan zijn. Als je andere mensen die alleen zijn zielig vindt, als je denkt dat ze gedumpt zijn, dat niemand met ze uit wil, dan ga je ervan uit dat andere mensen ook zo naar jou kijken als je alleen bent. Ik vind het heel heftig als mensen iets niet doen omdat ze niemand hebben om dat mee te doen. Of het nou gaat om naar de bioscoop gaan of reizen: je laat je levensgeluk toch niet afhangen van anderen?

Lenneke (27)

Sinds een paar jaar ben ik in therapie en daardoor heb ik veel over mezelf geleerd. Ik word vaak erg moe van een therapiesessie, dus zocht ik uit waar ik juist energie van krijg, dat bleek van alleen zijn.

Ik heb het echt nodig om alleen te zijn. Met mensen omgaan kost mij best veel energie. Als ik alleen ben, laad ik weer op. Als ik op een feestje of een verjaardag ben, blijf ik meestal niet lang. Ik ga vroeg naar huis om te ontprikkelen, ik ben echt een jonge oma wat dat betreft. ‘Als ik alleen ben wandel ik veel, ik ben veel buiten – minimaal twee uur per dag – en ik lees, schrijf en ik knuffel met mijn hond.

"Ik kom in de club meestal wel mensen tegen die ik ken, maar omdat we niks hebben afgesproken hoef ik geen rekening met ze te houden."

Ik hoor vaak dat mensen me saai vinden. Bijvoorbeeld als ik vroeg vertrek van een verjaardag. Mensen hebben het idee dat mensen die veel alleen zijn eenzaam zijn, maar dat is bij mij helemaal niet zo. Ik kan me juist eenzamer voelen in een grote groep dan wanneer ik alleen ben. Ik vind het vreemd om te doen alsof er iets mis is met mensen die graag alleen zijn. Maar ik ervaar vaak dat je als iemand die graag alleen is, niet begrepen wordt.

Chanel (31)

Ik ga vaak in mijn eentje naar de bioscoop, naar lunchzaakjes, uit eten en op stap. Ik heb Autisme Spectrum Stoornis en daardoor ben ik heel gevoelig voor prikkels, al mijn zintuigen staan continue op scherp. Dat houdt ook in dat over koetjes en kalfjes praten mij heel veel energie kost. Ik kan het wel heel goed, maar ik moet er altijd van bijkomen. Dus ben ik liever alleen, zodat ik niet compleet leegloop.

Voor mijn werk in marketing praat ik met heel veel mensen en ben ik vaak aan het netwerken. Als ik alleen ben en even met niemand hoef te praten kan ik weer bijkomen. Ik heb die oplaadmomenten echt nodig.

Als ik iets ga doen, kies ik er heel bewust voor om dat alleen te doen. Als ik naar de bioscoop of uit eten ga, kom ik voor de film of het eten. Dat hoeft van mij niet in combinatie met een gesprek met iemand anders. Natuurlijk ga ik ook weleens met andere mensen uit eten, maar ik ga vaker alleen.

Ik vind het ook heel relaxed om in mijn eentje op stap te gaan. Ik kom in de club meestal wel mensen tegen die ik ken, maar omdat we niks hebben afgesproken hoef ik geen rekening met ze te houden. Dan kan ik lekker doen wat ik zelf wil; samen met hen dansen en een drankje doen en daarna weer zelf verder gaan. En als ik niemand tegenkom die ik ken, heb ik ook een leuke avond. Dan drink ik in mijn eentje wat, geniet ik van de muziek en kijk ik om me heen naar de andere mensen. Ik heb een grote behoefte om lekker te dansen en oorverdovende muziek te luisteren, dus dat doe ik dan.

Als ik tegen anderen zeg dat ik bijvoorbeeld alleen uit eten ben geweest, dan zeggen ze altijd zoiets als “huh, hoezo?”. Mensen vinden dat heel raar. Ik ben eigenlijk nog nooit iemand tegengekomen die normaal reageerde, bijvoorbeeld door te vragen of het leuk was.

]]>
a3mawkCarleen de JongCharissa Promeseenzaamheidvrijheidmentale gezondheidvooroordelenalleen zijn
<![CDATA[Dit zijn een paar van de vreemdste dingen waar mensen door zijn klaargekomen]]>https://tonic.vice.com/nl/article/mbyxjq/dit-zijn-een-paar-van-de-vreemdste-dingen-waar-mensen-door-zijn-klaargekomenTue, 11 Dec 2018 11:04:10 +0000De manier waarop de gemiddelde persoon doorgaans een orgasme krijgt is vrij voor de hand liggend: door het geslachtsdeel te stimuleren. Maar het geslachtsdeel aanraken is geen vereiste om klaar te komen; een orgasme kan namelijk het resultaat van een breed scala activiteiten zijn — activiteiten die niet eens per se seksueel van aard hoeven te zijn. Volgens een recent onderzoek, gepubliceerd in het International Journal of Sexual Health , zijn er schijnbaar oneindig veel manieren waarop mensen tot een seksueel hoogtepunt kunnen komen.

In het onderzoek werden reacties op een e-mail geanalyseerd die oorspronkelijk op de website postsecret.com was verschenen, waarin de auteur beschreef hoe zij een orgasme had gehad tijdens het sporten. Er hadden 919 mensen op de e-mail gereageerd, waarvan veel de uiteenlopende manieren beschreven waarop zij een orgasme hadden gehad zonder enige seksuele stimulatie.

Een groot deel van de antwoorders (23,7 procent) had net als de auteur weleens een orgasme gehad tijdens het sporten. De meest orgasme-opwekkende sportactiviteiten waren volgens de deelnemers “paardrijden, fietsen en ‘op een Pilates-bal stuiteren.’” Hoewel deze activiteiten hoogstwaarschijnlijk wat frictie veroorzaakten op het geslachtsdeel, waren er ook andere sportactiviteiten waarbij dit niet gebeurde; sommige mensen kregen een orgasme als gevolg van buikspieroefeningen, rolschaatsen, zwemmen en gewichtstraining.

Ook vermelden een aantal mensen (10 procent) dat zij klaar waren gekomen in een voertuig; van auto’s en bussen tot vliegtuigen en het karretje van een achtbaan. Deze orgasmes waren veelal het gevolg van een hobbelig ritje. In de woorden van een briefschrijver: “Ik bleef opzettelijk twee jaar lang in mijn gammele Ford pick-up truck rijden en deed alsof ik de vering wilde laten repareren. Maar eigenlijk vond ik de vibraties enorm lekker, vooral als ik strakke jeans aan had.”

Ongeveer zeven procent beschreef hoe ze orgasmes krijgen door andere lichamelijke functies, voornamelijk urineren en poepen. Zo vertelde iemand: “Als ik hele erge krampen en hoge nood heb, krijg ik soms een heel intens orgasme. Dit gebeurde een keer tijdens een werkvergadering. Ik moest wegkijken en de armleuningen van m’n stoel stevig vastgrijpen omdat mijn hele lichaam zo heftig vibreerde.”

Mensen beschreven ook hoe ze orgasmes kregen als gevolg van stimulatie van een ander lichaamsdeel, zoals hun voeten, mond en oren, al komt dit een stuk minder vaak voor. Orgasmes door stimulatie van de voeten werd het meest vermeld, vaak als gevolg van voetmassages. Maar ook andere vormen van voet-stimulatie leidden tot orgasme, zo vertelde iemand: “Ik kwam ooit klaar door met mijn voeten uit het raam van een rijdende auto te hangen. De wind kietelde me en ik had een raar orgasme dat in mijn voeten begon.”

Nog meer anderen deden verslag van hun orgasmes tijdens andere activiteiten, zoals het geven van borstvoeding, het gebruiken van drugs (vooral wiet, xtc en LSD), lezen, muziek luisteren, bevallen, krabben van de jeuk en slapen. Maar de meest interessante activiteit vond ik — als iemand die professioneel onderzoek doet naar seks — de mensen die orgasmes kregen tijdens het eten. Zo vertelde iemand dat zij altijd klaarkomen als ze een perfect rijpe cherrytomaat eten, en een ander beschreef hoe zij klaarkomt door tonijn te eten — de textuur doet het ‘m blijkbaar voor haar.

Ik was tevens gefascineerd door de mensen die vertelden hoe zij een orgasme kregen als gevolg van fysieke pijn, bijvoorbeeld terwijl ze getatoeëerd werden of een piercing lieten zetten, of zelfs tijdens hevige pijn door nierstenen of een tandbehandeling. “De meest intense en onverwachte orgasme kreeg ik terwijl ik een tattoo liet zetten op mijn voet,” vertelt een deelnemer. “De pijn was verschrikkelijk en toen het erop zat, begon de tatoeëerder verlichtende gel op mijn voet te smeren. Het contrast tussen de enorme pijn van de tattoo het daaropvolgende genot van de gel was teveel voor mijn lichaam. Ik weet niet zeker of hij het doorhad, maar hij bleef mijn voet wrijven totdat ik klaar was.”

De onderzoeksresultaten zijn wat beperkt omdat we niet weten hoe vaak mensen dit soort ervaringen hebben of hoe vaak dit voorkomt onder de rest van de bevolking. Ook weten we niet wat de werkende kracht is achter deze orgasmes. Zo zijn er soms meerdere factoren werkzaam, bijvoorbeeld tijdens het autoritje waarbij tevens muziek wordt afgespeeld. In dat geval is het moeilijk te zeggen of de orgasme het resultaat is van de autorit, de muziek of de combinatie van die twee dingen. Ook weten we niet in hoeverre de aanwezigheid van andere mensen invloed heeft op de orgasmes, omdat niet in alle gevallen anderen erbij betrokken waren.

En dan is er ook nog het feit dat we bij dit onderzoek zelf-gerapporteerde data analyseren. Doordat er geen fysiologische of neurologische data bij betrokken is, weten we ook niet of deze orgasmes daadwerkelijk hetzelfde zijn als orgasmes die het gevolg zijn van stimulatie van het geslachtsdeel. (Er is duidelijk meer onderzoek naar orgasmes nodig.)

Maar los van de gelimiteerde wetenschappelijke data, wijst het onderzoek er wel op dat orgasmes niet alleen voorkomen tijdens seksuele activiteiten of stimulatie van het geslachtsdeel. Het lijkt erop dat orgasmes een multisensorische ervaring zijn dat mogelijk door een groot aantal verschillende activiteiten getriggerd kan worden. Als dit inderdaad zo is, dan zijn we eigenlijk pas net begonnen met begrijpen van het orgasme, en alle verschillende manieren waarop, wanneer en waarom mensen ze kunnen krijgen.

]]>
mbyxjqJustin Lehmiller, PhDTommy de Bruijnorgasmeseksonderzoekpaardrijdenseksuele gezondheidZintuigen
<![CDATA[Zorg dat je ook in 2019 goed verzekerd bent voor mentale zorg]]>https://tonic.vice.com/nl/article/kzvxqx/zorg-dat-je-ook-in-2019-goed-verzekerd-bent-voor-mentale-zorgMon, 10 Dec 2018 16:24:49 +0000Met geldzorgen als één van de grootste stressfactoren voor millennials is het ironisch dat het zo moeilijk is om te ontdekken wat een behandeling tegen stress of depressie je uiteindelijk zal kosten. Als je voor 2019 op zoek bent naar een nieuwe of aanvullende zorgverzekering is het handig om te weten wat je wel en niet kunt verzekeren als het aankomt op je mentale gezondheid. We zochten uit welke kosten je vergoed kunt krijgen, zodat je niet opeens voor verrassingen komt te staan.

Het begint met naar de huisarts gaan voor een doorverwijzing ...
Voor de vergoeding van mentale zorg moet je altijd eerst een doorverwijzing krijgen van je huisarts. De huisarts stelt vast wat de ernst en aard van je klachten zijn en maakt op basis daarvan een onderscheid tussen zorg die waarschijnlijk kort zal duren (generalistisch) en zorg die chronisch nodig is (gespecialiseerd). Ook kan de huisarts aanbieden eerst zelf wat vaker met je in gesprek te gaan of je naar een praktijkondersteuner (een POH) te sturen . Zo’n praktijkondersteuner heeft vaak een achtergrond in maatschappelijk werk en/of psychologie, maar is geen afgestudeerd psycholoog. De kosten voor een huisarts en een POH worden altijd volledig vergoed door de zorgverzekering, en hier hoef je geen eigen risico voor te betalen. Niet alle huisartsenpraktijken hebben een POH in huis.

Als je naar een psycholoog of psychiater gaat
Je huisarts vindt het tijd om je door te verwijzen naar een psycholoog of psychiater. De vergoeding van je behandeling is dan afhankelijk van het soort therapie dat de zorgverlener aanbiedt en de dekking van je verzekering. Over het algemeen vallen behandelingen die door een psycholoog of psychiater aangeboden worden onder de basisverzekering. Dit soort behandelingen zijn bijvoorbeeld gesprekstherapie of psychotherapie. Iedereen met een verzekering krijgt dit dus vergoed, maar moet wel eerst z’n eigen risico betalen. Standaard is dat 385 euro per jaar.

Als je een restitutiepolis hebt, krijg je de rest van de kosten van je behandelingen honderd procent vergoed. Als je een naturapolis hebt, krijg je ook alle kosten vergoed, mits je behandelaar een contract heeft met je verzekeraar. Je kan van te voren op de website van je zorgverzekeraar vinden met welke zorgverleners ze contracten hebben afgesloten. Meestal kun je dat op een website vinden met de zoekterm ‘zorgzoeker’. Geen resultaat? Dan is Google je vriend. Even zoeken op op ‘gecontracteerde zorg’ en de naam van je zorgverzekeraar levert je een lijst met zorgverleners op die zijn aangesloten bij je verzekeraar.

Verder is het van belang dat je psycholoog aangesloten zit bij een beroepsvereniging die door je verzekeraar erkend wordt. Ook dat is te vinden op de website van je zorgverzekeraar door op de website te zoeken naar ‘psychologie’. Tussen de voorwaarden van je verzekeraar staat een lijst erkende beroepsverenigingen.

Kortom: na een verwijzing krijg je de reguliere psychologische en psychiatrische behandelingen vergoed, maar die vergoeding hangt af van de psycholoog die je bezoekt.

Wat als je overspannen bent of een burn-out hebt?
Krijg je de diagnose ‘burn-out’, dan wordt het iets ingewikkelder. Omdat de medische erkenning van een burn-out anders is dan die van andere mentale gezondheidsproblemen zoals depressie, worden de behandelingen hiervoor over het algemeen niet vergoed. Een burn-out is namelijk een ‘aanpassingsstoornis’. Als je dus een psycholoog wil zien voor je burnout, houd er dan rekening mee dat je die niet vergoed zal krijgen.


Omdat er voor alternatieve geneeswijzen géén doorverwijzing nodig is, kun je in overleg met je huisarts wel een therapie kiezen die binnen een aanvullende verzekering valt. Sommige vormen van therapie bewegen ook een beetje tussen de basis- en aanvullende verzekering. Mindfulness trainingen vallen bijvoorbeeld in je basispakket als ze onderdeel zijn van de behandelingen van een psycholoog naar wie je bent doorverwezen bent door je huisarts. Maar ga je zonder doorverwijzing naar een zorgverlener die mindfulness aanbiedt als alternatieve zorg, dan krijg je die behandeling alleen vergoed als je een aanvullende verzekering hebt waar de behandeling binnen valt. Een overzicht van de soorten aanvullende zorg die verschillende zorgverzekeraars vergoeden kun je hier vinden.

Als je liever ayurveda of acupunctuur doet ...
Voor een betere mentale gezondheid is niet alleen een bezoek aan een psycholoog een goede optie. Ook andere therapieën zoals acupunctuur of ayurveda kunnen helpen. Zulke therapieën worden door zorgverzekeraars ‘alternatieve geneeswijzen’ genoemd en worden nooit vergoed in een basisverzekering. Je kan je voor sommige alternatieve geneeswijzen laten verzekeren via een aanvullende verzekering. Welke en hoeveel behandelingen door een verzekeraar vergoed worden verschilt daarom. CZ kwam vorige week in het nieuws omdat ze stoppen met het vergoeden van ‘belachelijke’ behandelingen zoals reïncarnatietherapie: een therapievorm die door andere verzekeraars sowieso al niet vergoed werd. Omdat sommige alternatieve geneeswijzen in de aanvullende verzekering vallen hoef je geen eigen risico te betalen maar moet je wel een extra bedrag per maand betalen. Een handig overzicht van de van die kosten per zorgverzekeraar kun je hier en hier vinden. Afhankelijk van hoeveel je per maand extra betaalt, vergoedt de zorgverzekeraar gemiddeld 300 euro per jaar, met een maximale vergoeding van 45 euro per dag. De rest betaal je zelf.

Wat als je medicijnen voorgeschreven krijgt?
Het laatste stresspunt voor de vergoedingen van mentale zorg is medicatie. Als je psychiater je bijvoorbeeld antidepressiva voorschrijft, is het niet altijd gelijk helder hoe en wanneer je die vergoed krijgt. Via het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) kun je precies zien welke medicijnen vergoed worden en of er een eigen bijdrage nodig is voor het medicijn. Over het algemeen wordt alleen het generieke medicijn vergoedt, tenzij er een medische reden (zoals een allergie) is om een ander middel voor te schrijven. Gebruik je al een medicijn en wil je weten of je dat specifieke medicijn bij een zorgverzekeraar vergoed kan krijgen? Check deze vergelijker om te zien of je jouw medicijn vergoed kunt krijgen.


Als het lastig voor je is om hoge rekeningen te betalen, bijvoorbeeld de 385 euro van je eigen risico, weet dan dat je daarvoor ook altijd een betalingsregeling kunt treffen met je zorgverzekeraar. Dan betaal je bijvoorbeeld een paar tientjes per maand, in plaats van de gehele rekening in één keer. Als je minder dan 18.000 euro per jaar verdient, kom je in veel gemeenten bovendien in aanmerking voor een collectieve verzekering via de gemeente waar je woont (bijvoorbeeld in Amsterdam), waarbij je korting krijgt op je basisverzekering en een aanvullende verzekering gratis krijgt.

Het is in ieder geval een goed idee om een duidelijk beeld te krijgen van welke zorg je nodig hebt én wat het zal kosten, en een verzekering te vinden die daarbij aansluit. Het is misschien wel wat onwennig, om een prijskaartje te moeten hangen aan je eigen mentale gezondheid, maar je bespaart jezelf een hoop kopzorgen in de toekomst.

]]>
kzvxqxEmma van Meijeren Charissa Promespsycholoogmentale gezondheidgezondheidszorgZorgverzekeringzorgstelsel
<![CDATA[Hoe je fit kan worden zonder alcohol af te zweren]]>https://tonic.vice.com/nl/article/a3m4az/hoe-je-fit-kan-worden-zonder-alcohol-af-te-zwerenFri, 07 Dec 2018 14:39:00 +0000Als je een serieuze poging waagt om fit te worden (het is weer bijna tijd voor goede voornemens), zul je vaak horen dat dit niet te combineren valt met alcohol. Een paar biertjes in het weekend zou linea recta naar je buik gaan. Al het harde ploegen in de sportschool is tenietgedaan; alcohol is je grootste vijand en de enige manier om het lichaam te krijgen dat je wil, is stoppen met drinken. Zo wordt het vaak verteld, maar is dat echt zo?

In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, wordt slechts een fractie van de alcohol die je drinkt opgeslagen als vet. En sterker nog, uit recente onderzoeken blijkt dat het mogelijk is om regelmatig alcohol te drinken — soms zelfs dagelijks — en alsnog af te vallen. (Uiteraard geldt dit alleen voor gematigd drinken, en niet voor mensen die om de dag dagelijks een sixpack bier naar binnen werken). Dit is wat de wetenschap omtrent alcohol en gewichtsverlies zou eigenlijk echt is — en wat dat voor jou betekent.

Allereerst wordt minder dan vijf procent van de alcohol die je drinkt omgezet naar vet. Dat betekent echter niet dat alcohol geen effect heeft op lichaamsgewicht; alcohol vermindert namelijk de hoeveelheid vet die je lichaam verbrandt voor energie. Volgens onderzoek zijn slechts twee mixjes van wodka en light frisdrank genoeg om de lipide oxidatie in het lichaam — de hoeveelheid vet dat je lichaam verbrandt — met ruim 70 procent te verlagen.

Alcohol wordt dus grotendeels niet als vet opgeslagen, maar als acetaat. Dat is een substantie dat wordt vrijgelaten in je bloed en eerder wordt verbrand dan proteïne, koolhydraten en vet. De manier waarop je lichaam reageert op alcohol is vergelijkbaar met de manier waarop het reageert op een overschot aan koolhydraten. Die kúnnen wel direct omgezet worden naar vet, maar dit gebeurt niet tenzij je enorme hoeveelheden pasta naar binnen werkt.

In plaats daarvan gaat je lichaam de koolhydraten gebruiken als brandstof, in plaats van vet. Doordat dit proces de vetverbranding onderdrukt, sla je meer van het vet dat je binnenkrijgt op in je lichaam en vermindert de mate waarin je verteringssysteem al opgeslagen vet verbrandt. Dit betekent dat alcohol de vetopslag van het lichaam vergroot, maar alleen wanneer je meer calorieën drinkt dan dat je kan verbranden. Er zijn genoeg onderzoeken die ondersteunen dat je alcohol kunt drinken en daarbij ook kunt afvallen, zolang je het enigszins verstandig doet.

In één proef, uitgevoerd door onderzoekers van de Colorado State University, werd een groep mannen gevraagd om elke avond twee glazen wijn te drinken bij hun avondeten. Na zes weken lang te hebben genoten van entrecôte en stevige rode wijn, gebeurde er vrij weinig. Het gewicht van de mannen veranderde niet en hun vetpercentage bleef hetzelfde. Hier staat beschreven wat de onderzoekers zelf concludeerden:

“Ons onderzoek ondersteunt het concept dat gematigde consumptie van alcohol (twee glazen wijn per dag) geen effect heeft op het gewicht, de lichaamscompositie, metabolisme of het substraatgebruik van de deelnemers en er geen sprake is van gewichtstoename over een periode van zes weken.”

Een ander onderzoek van dezelfde onderzoeksgroep had vrijwel identieke resultaten. Twee glazen wijn per avond, vijf avonden per week voor tien weken, had geen effect op het gewicht of vetpercentage op een groep van vrouwen met overgewicht.

Duitse wetenschappers van de Universiteit van Hohenheim onderzochten een groep van 49 mensen met overgewicht. De groep kreeg allen één van twee mogelijke diëten. Beide diëten bestond uit 1.500 calorieën, maar het verschil lag hem in het feit dat de ene groep dagelijks een glas witte wijn dronk, en de andere groep een glas bessensap. Na drie maanden bleek dat de wijn-groep iets meer gewicht had verloren — 4,7 kilogram ten opzichte van 3,7 kilogram in de bessensap-groep — al was dit statistisch gezien niet een enorm relevant verschil.

Kortom, alcohol is niet per definitie dikmakend. Het is dikmakend om consistent, relatief aan je energiebehoeften, teveel te eten. Zolang je dieet zo is opgesteld dat je minder calorieën consumeert dan je verbrandt, kun je prima afvallen én van een glas wijn of bier genieten op de bank.

Maar waarom heeft alcohol dan zo’n slechte reputatie in de wereld van gewichtsverlies? Het probleem ligt niet zo zeer bij de calorieën van ieder individueel biertje, maar vooral bij de manier waarop alcohol je eetgedrag beïnvloedt. Alcohol kan namelijk je poging om strakke buikspieren te kweken in de weg staan vanwege zijn ontremmende werking, waardoor het moeilijker is om (onder andere) eetgerelateerde verleidingen te weerstaan.

Verschillende onderzoeken tonen aan dat je gemiddeld meer eet als je maaltijd met alcohol wordt geserveerd dan met frisdrank. Je krijgt als het ware een dubbele klap: één van de calorieën in het alcoholhoudende drankje, en een omdat je door de alcohol meer gaat eten.

Een groep vrouwen werd gevraagd om koekjes te proeven na een wodka-fris, of een placebo die hetzelfde rook en smaakte. De vrouwen die wodka in hun glas hadden gekregen, aten ook meer. Van de drie hoofdfactoren op het gebied van spontaan eten, staat alcohol op de eerste plek, nog vóór tv kijken en slapeloosheid.

Stel je voor: Het is vrijdagavond en je bent uit eten met wat vrienden. Je neemt jezelf voor om je te gedragen en niet tot het gaatje te gaan, maar na het ene drankje volgt de andere, en nog een andere, en nog eentje.

Het verstandslampje in je hersenen wordt langzaamaan steeds meer gedimt, en daarbij ook je vermogen om de verleiding van voedsel te weerstaan. Kort daarna neemt het ‘ah joh, fuck it’ stemmetje in je hoofd het over en is elk mogelijk limiet op je vetzucht weg. Je neemt het ervan, en zal waarschijnlijk niet veel later eindigen achter het bestelscherm bij de McDonald’s.

Maar dat is niet alles. De workout die je voor zaterdag op de planning had staan is naar de klote, en in plaats daarvan draait je Netflix-account die dag overuren. Je bent moe, hongerig, fucked up en geïrriteerd tegenover jezelf omdat je jezelf zo hebt laten gaan. Dus wat doe je om je toch nog wat beter te voelen: junkfood eten. Deze binge duurt waarschijnlijk een paar uur tot een paar dagen. “Ik heb het toch al verkloot, dus ik doe wel gewoon wat ik wil dit weekend,” vertel je jezelf.

Je hebt besloten om je missie om fit te worden uit te stellen naar volgend weekend, of volgende maand, of over over een jaartje nog maar eens te kijken. Maar goed. Om nog even samen te vatten: het idee dat alcohol direct omgezet wordt naar vet en dat het je per direct een bierbuik bezorgt, is een mythe. Alcohol zorgt er wel voor dat je vetverbranding afneemt terwijl het metaboliseert in je lichaam, maar het is niet schadelijker voor je gewichtsverlies dan teveel koolhydraten of vet.

Gematigd alcoholgebruik zelf zal geen negatieve impact hebben op vetverlies, zolang het binnen je ‘caloriebudget’ past. Waar alcohol voornamelijk een vet risico met zich meebrengt, is het feit dat je eet- en sportplannen de dagen na een dronken avond compleet in het water kunnen vallen. Teveel alcohol kan je voortgang in de weg staan op een manier die groter is dan alleen de calorieën in het glas, dus.

]]>
a3m4azChristian FinnCharissa PromesalcoholFitnessVetfysieke gezondheid
<![CDATA[Is het een goed idee om vrouwen vrij te geven als ze ongesteld zijn?]]>https://tonic.vice.com/nl/article/pa5mdy/moeten-vrouwen-vrij-krijgen-als-ze-ongesteld-zijnThu, 06 Dec 2018 14:21:17 +0000Man en vrouw leed mee met Humberto Tan toen hij tijdens een aflevering van RTL Late Night aan een apparaat werd gekoppeld waarmee hij menstruatiekrampen kon ervaren. Hij hield het niet lang vol. Maar krampen zijn niet de enige klachten die komen kijken bij de maandelijkse periode. Ook migraine, verstopte – of iets te hard werkende – darmen, misselijkheid en de stress die je kan ervaren als je een tijdlang op je bureaustoel gezeten hebt en bij het opstaan een hele vloedgolf naar beneden je ondergoed in lijkt te stromen, maken deel uit van dit pretpakket. Het is allemaal niet goed voor je productiviteit op werk.


De afgelopen twee jaar werd er daarom in Nederland (en zelfs nog langer buiten Nederland) gepleit voor wettelijk geregelde menstruatieverlof: één of meerdere betaalde vrije dagen rondom de maandelijkse periode. Landen als Japan, Indonesië en Zambia zijn voorbeelden waar dit al sinds de vorige of begin deze eeuw per wet is vastgelegd. Maar in Nederland ziet het Menstruatie voorlichtingsinstituut, ooit de grootste voorstander van menstruatieverlof in ons land, dit niet meer als de ultieme oplossing. Ook gynaecologen zien tekenen dat we het buitenlandse voorbeeld hierin niet moeten volgen.

Menstruatieverlof is een pleister die je plakt op een groter maatschappelijk probleem.

Volgens voorlopige resultaten van een nieuw Nederlands onderzoek, dat onder ruim achtduizend schoolgaande meisjes is uitgevoerd, zegt ongeveer een derde dat menstrueren ze meer dan de helft van hun energie kost. Niet gek dus dat 76 procent van de gehele groep zegt een sterke behoefte aan rust te hebben. “Bij jonge meisjes zie je dat de klachten van menstruatie heftiger zijn, omdat hun hormonen nog uit balans zijn”, zegt Vera Haitsma, docent gynaecologie aan het Erasmus MC en online raadgever bij hevigbloedverlies.nl. “Ze kunnen daardoor bijvoorbeeld heftiger bloedverlies ervaren."

Maar die heftige klachten gaan niet altijd weg als meisjes die puberteit uit zijn. Zelf heb ik door een verminderd concentratievermogen weleens urenlang naar mijn computerscherm gestaard en er met moeite iets zinnigs uit gekregen. Ook heb ik een ex-collega regelmatig met een warme kruik op haar buik dag na dag zien doorploeteren, en een andere tijdens haar maandelijkse periode zich kapot zien werken om een deadline te halen terwijl ze tussendoor haar hoofd af en toe op het bureau liet rusten. Uit een online survey van het Menstruatie voorlichtingsinstituut onder 1600 volwassen vrouwen, blijkt dat zelfs negentig procent behoefte heeft aan rust tijdens de zwaarste dagen van haar menstruatie. Dus waarom zou het geen logische stap zijn om vrouwelijke werknemers de rust te geven die ze schijnbaar nodig hebben?

"Dikke vinger, niemand gaat mij vertellen dat ik mijn werk als arts niet kan doen als ik verlof opneem tijdens mijn menstruatie."

Peter de Vroed, oprichter van het voorlichtingsinstituut, was de talkshowgast die Tan liet lijden aan het menstruatie-apparaat. Twee jaar geleden was hij te gast vanwege een petitie die hij en zijn vrouw Anke Verhagen waren gestart om menstruatieverlof in te voeren. Afgelopen week zouden de verzamelde handtekeningen worden overhandigd aan de Tweede Kamer, maar de actie haalde het niet tot Den Haag. “We hebben er geen aandacht meer aan besteed, omdat we sinds de publicatie van ons onderzoek steeds meer bedrijven hebben bezocht met onze boodschap. Daar spraken we veel vrouwen en we kregen als feedback terug dat rust niet voor iedereen werkt. Menstruatieverlof is een pleister die je plakt op een groter maatschappelijk probleem. Je bent er dan nog niet. Sommige vrouwen hebben juist behoefte aan beweging en bij verschillende bedrijven zeggen vrouwen bijvoorbeeld dat ze thuis zouden willen werken op dagen waarop ze veel last hebben van menstruatieklachten.”

Voor Zoa Moeniralam (32), die zelf bedrijfsarts in opleiding is, is menstruatieverlof wel de ultieme oplossing. Zij liet in haar contract opnemen dat zij naar eigen invulling verlof kan opnemen tijdens en rondom haar menstruatie. “Het begon ermee dat ik mij tijdens mijn coschappen vijf dagen per week uitsloofde. Ik heb zeker de eerste dag dat ik menstrueer minder energie en daarom vervloekte ik het dat ik tijdens mijn menstruatie moest werken. Ik kan mij herinneren dat ik een aanvaring had met collega’s, eentje was al professor en de ander was specialist. Ze vonden mij kinderachtig of zeiden dat ik als arts in de toekomst echt een probleem zou krijgen als ik er elke maand een dag niet zou zijn. Toen heb ik mijn stem verheft tegen hem en gezegd, je hebt echt geen idee wat het betekent om vrouw te zijn. Hij schrok daarvan, maar het heeft mij getriggerd om te zeggen, niemand gaat mij vertellen dat ik mijn werk als arts niet kan doen als ik verlof opneem tijdens mijn menstruatie. Sterker nog, ik kan het zelfs beter doen. Als ik terug ben op het werk heb ik weer veel meer energie.”

Een ander bezwaar tegen het menstruatieverlof is, dat het vooral geschikt is voor vrouwen met een (reguliere) cyclus; hun menstruatie en ovulatie keren elke maand na ongeveer dezelfde aantal dagen terug. Maar hoe zit het met oudere vrouwen die al in of voorbij de overgang zijn of vrouwen die een onregelmatige cyclus hebben. “Ik menstrueer bijvoorbeeld drie maanden niet en dan weer twee weken achter elkaar”, zegt de Amsterdamse Floortje (27) die als office manager werkt bij een groot reclamebureau. Ondanks – of vanwege – haar onregelmatige cyclus heeft Floortje veel last van haar menstruatie. “Ik ben heel jong aan de pil gegaan, omdat ik elke maand zo ziek werd door mijn menstruatieklachten. Ik kreeg heel veel kramp en viel vaker flauw van de pijn.”

"Ik vind het zelf vervelend om naar huis te moeten gaan, zeker als het gaat om ongesteldheid."

“Ga je menstruatieverlof afdingen in het cao, dan moet je elke vrouw wat bieden”, zegt Haitsma. “Er zijn vrouwen die niet menstrueren of van wie hun cyclus op jonge leeftijd is geëindigd, er zijn vrouwen die twee keer per maand menstrueren … Dat iets wat onregelmatig kan zijn op een systematische manier moet worden doorgevoerd is voor veel werkgevers lastig.”

Ondanks de heftige klachten voelt Floortje zich bijna verplicht om door te zetten op haar werk. “Ik heb een keer zo veel last gehad op het werk, dat ik naar mijn baas ben gegaan om te zeggen dat ik naar huis wilde gaan. Toen wilde ik toch wat afronden, heb ik veel pijnstillers ingenomen en toen ging het eigenlijk wel. Dus die dag heb ik alsnog doorgewerkt. Aan mijn werkgever ligt het niet. Ik vind het zelf vervelend om naar huis te moeten gaan, zeker als het gaat om ongesteldheid. Dan moet iemand mijn werk oppakken en ik heb het gevoel dat het er gewoon bijhoort.”

Dezelfde gedachte heerst volgens Peter bij een groot gedeelte van vrouwelijke werknemers. Menstruatieverlof is dan niet dé oplossing, maar wel een die kansen biedt. “De meeste weerstand komt bij vrouwen zelf vandaan. Ik heb inmiddels onder 1600 vrouwen een enquête afgenomen en veel van hen denken dat niemand hen meer aanneemt als ze dingen als menstruatieverlof gaan eisen. Ze hebben natuurlijk jarenlang gevochten voor hun plekje in de maatschappij, dat willen ze niet kwijt. Maar als wij langs bedrijven gaan, dan koppelen we mannelijke managers en andere leidinggevenden aan het menstruatie-apparaat en voelen ze hoe het is om menstruatiekrampen te hebben. Geloof me, dan is de discussie gesloten.”

Heel ingewikkeld is het inlassen van een dag verlof niet, maar het vraagt wel wat flexibiliteit die niet bij elk beroep past. “Nu heb ik ingepland dat ik gemiddeld 32 uur per week werk,” begint Zoa de rekensom uit te leggen. “Maar ik werk drie dagen rondom mijn menstruatie en vijf dagen rondom mijn ovulatie. De eerste dag van mijn menstruatie werk ik sowieso niet.” Of ze niet stuitte op weerstand van haar werkgever, daar was ze kort over: “Je moet voet bij stuk houden en toen ik het eenmaal bij mijn vorige werkgever erdoor heen had, was het een stuk simpeler. Bij mijn huidige werknemer voel ik een soort trots bij mijn collega’s, het werkt inspirerend voor hen.”

Het verbaasde me dat je alleen al door rust te nemen, menstruatieklachten al voor zo’n groot deel kunt voorkomen of tegengaan.

De taak om menstruatieklachten draagbaarder te maken, ligt volgens De Vroed echter niet alleen bij de werkgever: “We hebben gemerkt dat het kennisniveau bij vrouwen over hun cyclus heel laag ligt. Als je met jonge meiden praat, dan denken ze dat ze niemand moeten laten merken dat ze menstrueren.”

In het geval van Verhagen, heeft dit idee van geheimhouding er tot in haar twintiger jaren voor gezorgd dat ze zonder hulp met hevige klachten bleef rondlopen. “Als klein meisje van dertien jaar ben ik een keer naar mijn moeder gegaan met ongelofelijke buikpijnklachten door mijn menstruatie. Mijn moeder werd toen heel boos en zei dat ik er niet over moest klagen en dat ik het voor mezelf moest houden. Het hoorde er eenmaal bij. Pas toen ik een relatie kreeg met Peter werd ik er meer open over en kreeg ik door dat het niet normaal was om zoveel pijn te hebben tijdens je menstruatie.” De Vroed en Verhagen begonnen zelf te experimenteren met aanpassingen in de levensstijl van Verhagen en ontwikkelden op basis van eigen ervaringen een methode waarin rust een belangrijke rol speelt. “Als ik ongesteld word, dan doe ik die dag ook echt niets”, vertelt Verhagen. Ik ben gewoon onder ‘t zeil en zo kan mijn lichaam heel snel herstellen. Op dag twee is mijn energielevel weer op peil. Ik merk meteen als ik niet luister naar mijn lichaam. Ik menstrueer dan vijf dagen in plaats van anderhalve dag.”

Anderhalve dag menstrueren?! Het verbaasde me dat je alleen al door rust te nemen, menstruatieklachten al voor zo’n groot deel kunt voorkomen of tegengaan. Volgens Haitsma kan rust voor sommige vrouwen zeker zorgen voor minder menstruele klachten, maar dat kan ook met iets anders te maken hebben. “Je verbetert de ‘coping’, de manier waarop je omgaat met je klachten. Op momenten dat je voelt dat het niet gaat, dan pas je de intensiteit van je werkzaamheden aan, wat ervoor zorgt dat je lichamelijk minder klachten hebt. Het kan ook te maken hebben met een placebo-effect. Als je voor jezelf iets bedenkt waarvan je overtuigd bent dat het zal helpen, dan gaat dat ook werken. Maar het placebo effect is niets negatiefs, het is een zelfhelend proces voor je lichaam, in principe ook een behandeling of medicijn.”

We moeten ervoor waken dat vrouwen buiten de gemeenschap worden geplaatst, zoals het gaat in sommige culturen, totdat ze weer kunnen functioneren.

“De invloed van hoe de maatschappij tegen menstruatie aankijkt is ook heel belangrijk”, voegt Haitsma toe. “Als jij als vrouw geen last mag hebben van je menstruatie, dan wordt de gedachte over je cyclus ook negatief en dat helpt jou niet om met jouw klachten om te gaan.”

In samenwerking met het Radboud UMC hebben De Vroed en Verhagen nu onder 42.000 Nederlandse vrouwen onderzocht wat de gemiddelde vrouw ervaart tijdens haar menstruatie en wat voor gevolgen dat heeft voor de samenleving. “De resultaten laten nog op zich wachten, maar volgens onze eerste peiling komt het ziekteverzuim onder vrouwelijke werknemers tussen de 16 en 59 procent door menstruatie, afhankelijk van de branche waarin ze werken. Officiële cijfers hebben we nog niet, maar volgens eigen berekening aan de hand van de totale salariskosten die bedrijven maken, kosten deze ziekmeldingen en terugloop in productiviteit onze maatschappij acht miljard euro, alleen maar omdat we geen rekening houden met de menstruatie van vrouwen.” Als deze cijfers zo hoog oplopen, waarom houden werkgevers zich hier dan niet meer mee bezig? “Heel simpel: ze weten het niet”, zegt De Vroed. “Zodra het ze duidelijk wordt wat menstruatieklachten betekenen voor hun bedrijf, zijn ze om.”

Het wil dus niet zeggen dat verzuim te verhelpen is door iedere vrouw van vruchtbare leeftijd vrij te geven rondom haar menstruatie. “Het is en blijft iets heel individueels,” zegt Haitsma. Tijdens je menstruatie werken je hersenen anders waardoor je prikkels moeilijker kan verwerken of waardoor je emotioneler kan zijn. Daardoor hebben sommige vrouwen behoefte aan een werkplek waar ze zich kunnen afsluiten. Zorg als werkgever eerder voor dat soort mogelijkheden. We moeten ervoor waken dat vrouwen buiten de gemeenschap worden geplaatst, zoals het gaat in sommige culturen, totdat ze weer kunnen functioneren. Het gaat erom dat menstruatieklachten op de werkvloer bespreekbaar moeten worden gemaakt en de mogelijkheid laten bestaan voor vrouwen om hier op hun zelfgekozen manier mee om te gaan, daar win je al een heleboel mee.”

]]>
pa5mdyCharissa PromesTommy de Bruijnwerkcarrièremenstruatiefysieke gezondheid
<![CDATA[Ik ging naar een slaapbeurs omdat ik vreselijk slecht slaap]]>https://tonic.vice.com/nl/article/j5zv8g/ik-ging-naar-een-slaapbeurs-omdat-ik-vreselijk-slecht-slaapTue, 04 Dec 2018 13:54:20 +0000Op de vraag hoeveel slaap een mens nodig heeft, heeft Napoleon Bonaparte, beschermheilige van kleine mannen, ooit geantwoord: "Zes [uur] voor een man, zeven voor een vrouw, acht voor een idioot." Nou, Napoleon, ik slaap gemiddeld negen tot tien per nacht en als ik niet iedere dag zou moeten opstaan om geld te verdienen, zou ik nog veel langer langer slapen.

Voor velen is slapen een probleem. Volgens een recent onderzoek slaapt de gemiddelde Brit 6 uur en 19 minuten per nacht — veel minder dan de aanbevolen 8 uur per nacht. Het Britse Sleep Report uit 2017 toonde aan dat meer dan een derde van de Britten slaapproblemen heeft gehad die langer dan vijf jaar aanhielden. (In Nederland is dat een vijfde van de bevolking).

Gelukkig is er een alsmaar groeiende industrie toegewijd aan de oplossing van deze problemen. Alles van holistische therapieën tot mindfulness-apps en matrassen van 13,000 euro worden opgeworpen als tovermiddel voor onze slaapproblemen. En je begrijpt waarom dit aan populariteit wint: te weinig slaap kan leiden tot een verhoogd risico op van alles. Verkoudheid, depressie, beroertes, hartaanvallen, een grotere kans op obesitas, kanker, dementie, diabetes en een hoge bloeddruk. En je voelt je er gewoon kut door. Allemaal vervelende shit die je wil voorkomen.

Hoewel ik gemiddeld negen tot tien uur per nacht slaap, is de kwaliteit van mijn nachtrust vreselijk slecht; ik heb last van nachtzweet, wat inhoudt dat ik vaak midden in de nacht wakker word in een mijn eigen koude zweetvijver (date mij); en meestal word ik wakker met het gevoel dat ik nog acht uur nodig heb. Dit noemt men 'niet-rustgevende slaap'. Dus toen ik zag dat SOMNEX, de "eerste beurs gewijd aan gezond slapen," naar Londen kwam, wist ik dat ik moest gaan. Kijken of iemand me daar kan fixen.

1543931510366-1542040382073-Somnex_0426-copy

Dit is niet waar ik naar op zoek was. Wat is er mis met slapen om het slapen? Slapen om te vergeten dat alles kut is, dat er idiote fascisten aan de macht zijn en de planeet zomaar opgeblazen kan worden?

Ik wil erachter komen hoe ik meer slaap en minder doe. Ik wil weten hoe ik zó diep kan slapen dat iemand me in mijn gezicht moet slaan om me wakker te krijgen. Ik wil slapen als Sneeuwwitje nadat ze een hap van die giftige appel had genomen. Ik wil geen 'prestatiepyjama’s,' een dystopische nachtmerrieterm die symbool staat voor het kapitalistische systeem dat ons opslokt terwijl ik lig te maffen.

We doen al veel te lang veel te veel. Zo veel dat we alle middelen van onze planeet opmaken, dat we Moedertje Aarde onherstelbaar naar de klote aan het helpen zijn. Allemaal omdat we productiever willen zijn. De aarde staat in brand. We hebben genoeg gedaan.

In plaats daarvan raad ik je aan wat magnesiumolie te sprayen en lekker te gaan liggen — hoe langer, hoe beter.

]]>
j5zv8gNiloufar HaidariTommy de BruijnSlapennachtrustslaapproblemen
<![CDATA[Het succes van mijn vrienden bezorgt mij enorm veel stress]]>https://tonic.vice.com/nl/article/qvqza7/het-succes-van-mijn-vrienden-bezorgt-mij-enorm-veel-stressMon, 03 Dec 2018 13:50:40 +0000Ik ben gezegend met een hoop slimme, succesvolle vrienden, maar ik heb de laatste tijd het gevoel dat ze mij voorbij gaan — zo krijgen zij steeds vaker promoties, salarisverhogingen, nieuwe dikke auto’s voor de deur, grotere huizen en ondernemen ze midweekse tripjes naar Venetië of Parijs. En dat terwijl ik al jaren vastgeroest zit in mijn kutbaantje zonder enig idee wat ik hierna wil of kan doen. Terwijl iedereen vooruit gaat, kruipt bij mij de angst omhoog dat ik achter gelaten word. Ik probeer mijzelf beter voor te doen, alsof ook ik het helemaal aan het maken ben. Is dit zelfopgelegde druk? Onzekerheid? Of is er meer aan de hand?

- Een slimme en succesvolle Tonic-lezer

De meesten van ons willen, uiteraard, het gevoel hebben dat wij het goed doen in het leven. Maar hoe weten we of we het daadwerkelijk goed of slecht doen? De makkelijkste manier is het kijken naar een ander, en dan het liefst mensen die een beetje op onszelf lijken. Iedereen doet het.

Toen mijn vrouw een paar jaar geleden zwanger was, kocht ik een nieuwe SUV. Ik koos de kleur wit omdat deze als enige beschikbaar was. Binnen een paar maanden kochten mijn buren ook een nieuwe auto: jawel, een SUV. Hetzelfde merk, maar een iets groter, beter model. En de kleur? Wit, natuurlijk.

Plotseling was zo’n beetje de helft van de straat bedekt met grote, witte auto’s. Niemand sprak hier verder een woord over, maar ik vond het erg grappig — het leek een goed voorbeeld te zijn van het fenomeen ‘sociale vergelijking’ zoals omschreven door psychologen. De menselijke neiging om de prestaties van de ander te vergelijken met die van jezelf (en indien mogelijk, kleine slordigheidjes te verbeteren, zoals mijn buren dat deden toen ze een beter model SUV kochten) vormt zich al heel vroeg in ons leven, wat erop wijst dat dit diep in ons menselijke natuur is geworteld.

Uit een recent onderzoek kwamen wat interessante resultaten naar boven. In dit onderzoek werden kinderen zo jong als zeven jaar oud in koppels getest op hun reactietijd. Na elke oefening werd de kinderen verteld of zij en hun partner geslaagd waren, en hoe zij zich daarbij voelde. De kinderen waren het meest blij als zij hoorde dat zij het goed hadden gedaan en hun partner had gefaald — nog blijer dan wanneer zowel zij als hun partner waren geslaagd. Logischerwijs voelden de kinderen zich het slechtst wanneer zij hadden gefaald maar hun partner was geslaagd — nog erger dan wanneer ze beiden hadden gefaald.

Eén van de lessen die we hiervan leren is dat het normaal is om jezelf te vergelijken met je vrienden. Ook is het normaal om je ongemakkelijk of zelfs neerslachtig te voelen wanneer anderen het beter doen dan wij (ook wel ‘opwaartse vergelijking’ genoemd). Dit nare gevoel is des te meer voorkomend bij mensen met een laag zelfvertrouwen of mensen die vatbaar zijn voor pessimistische ideeën en slechte buien. Als jij je zo voelt, overweeg dan de mogelijkheid dat je neiging om jezelf met je vrienden te vergelijken een bij-effect van een andere malaise kan zijn. Als je daaraan kunt werken, zal de status-gerelateerde stress waarschijnlijk ook afnemen.

Dat gezegd te hebben, als je vrienden daadwerkelijk met hoge snelheid de sociale ladder beklimmen (en het niet een negatieve illusie is die je te danken hebt aan je emotionele staat van bewustzijn), dan is je angst om achter te blijven, tot op zekere hoogte, gegrond. Verscheidene onderzoeksresultaten suggeren dat wij allemaal de neiging hebben om mensen die wij als lagere status zien ook als laag in competentie te zien, zelfs als ‘lager’ of ‘minder menselijk’ (in de zin van behoeften en emoties). Niemand wil op neergekeken worden, en het is begrijpelijk dat je niet wil dat je eigen vrienden op zo’n manier naar jou kijken. Anderzijds, als ze dat wel doen dan zijn ze waarschijnlijk ook geen écht goede vrienden.

Om concreet de e-mail van de lezer te beantwoorden: Het is allereerst belangrijk dat je aangeeft al jarenlang een uitzichtloos baantje te hebben. Hoewel je wellicht je stress kan verlichten door meer neerwaartse vergelijkingen te maken (vergelijkingen met mensen die het slechter hebben dan jij), is het ook goed mogelijk dat je juist door je succesvolle vrienden en hun prestaties zelf het zetje in de rug krijgt om wat veranderingen in je leven te maken.

Ik waarschuw je wel om niet het persoonlijke succes van je vrienden te overschatten. Achter hun gelukzalige, exotische levensstijl en vakantiefoto’s kan ook veel pijn en leegte schuilen. Vergeet niet dat de meeste mensen een masker en mantel dragen ten opzichte van de buitenwereld, zeker in het tijdperk van Facebook en Instagram; het maakt het erg makkelijk om iemand zijn persoonlijke problemen te onderschatten.

Als je veranderingen maakt in je leven en een nieuw pad gaat bewandelen, onthoud dan dat je waarschijnlijk geen geluk in het leven vindt als je voornaamste doel indruk maken op anderen is. Je vindt meer voldoening door doelen te stellen — in je carrière of persoonlijke leven — die daadwerkelijk betekenis voor jou hebben en waar je voor wilt knokken. Als het je lukt om een leven te leiden dat in lijn staat met je waarden en ideeën, dan ben jij de rijke, ongeacht de grootte van je huis of de auto die ervoor geparkeerd staat.

]]>
qvqza7Christian JarrettTommy de BruijnangstanxietywerkcarrièresuccesVriendenjaloezieangstige gevoelens
<![CDATA[Hoe een man een jaar lang in een isoleercel werd opgesloten omdat hij hiv-positief was]]>https://tonic.vice.com/nl/article/a3m79j/hoe-een-man-een-jaar-lang-in-een-isoleercel-werd-opgesloten-omdat-hij-hiv-positief-wasThu, 29 Nov 2018 13:52:39 +0000In 2012 werd de Amerikaan John Dorn beschuldigd van orale seks met een mede-gevangene. Zijn zeventienjarige gevangenisstraf zat er destijds bijna op; hij stond op het punt om met de reclassering rond te tafel te gaan zitten. Hij ontkende alles, maar beide mannen werden alsnog bestraft door het Department of Corrections in Michigan.

De andere gevangene kreeg slechts een tik op de vingers; zijn privileges werden voor dertig dagen ingetrokken. Maar Dorn, wie hiv-positief is, werd een jaar lang in eenzame opsluiting geplaatst.

“Er werd mij door gevangenismedewerkers verteld dat ik anders werd behandeld vanwege mijn hiv,” vertelt Dorn.

Ambtenaren van de gevangenis van Michigan hanteerden een beleid waarbij met hiv-besmette gevangenen voor onbepaalde tijd in isolering geplaatst moesten worden wanneer zij seks hadden in de gevangenis. Chris Gautz, woordvoerder van de gevangenis, zei dat het inderdaad mogelijk was dat de medewerkers Dorn vertelden dat hij anders behandeld werd vanwege zijn hiv. Maar volgens hem vertelden de bewakers dit om het beleid uit te leggen, en werd het niet “met kwade bedoelingen verteld.”

De advocaten van Dorn noemden het akkoord een 'overwinning'

Dorn zat 23 uur per dag opgesloten in zijn cel. Het was voor hem onmogelijk om met zijn bejaarde moeder te communiceren. (Zijn telefoonprivileges waren ingetrokken, behalve voor familiegerelateerde ongelukken, werd later in een rechtszaak duidelijk gemaakt.) Maar Dorn was vooral bang dat hij niet in contact kon komen met de reclassering, om zijn vrijlating te regelen.

“Ik voelde me compleet machteloos en oneerlijk behandeld,” zegt Dorn. Hij voegt toe dat hij in isolatie suïcidaal werd. Hij vulde zijn tijd in door brieven te schrijven naar verschillende instanties waarin hij beargumenteerde waarom zijn straf niet alleen onethisch, maar zelfs illegaal was.

De situatie waarin Dorn verkeerde werd uiteindelijk opgepakt door advocaten van de burgerrechtengroep Michigan Protection and Advocacy Service and Lambda Legal. Deze groep focust zich voornamelijk op het helpen van lhbt’ers die hiv-positief zijn. In oktober 2014 werd Dorn vrijgelaten en kon hij zijn 44e verjaardag als vrije man vieren. Een aantal maanden hierna klaagde hij de gevangenis van Michigan aan.

Volgens Dorn en zijn advocaten had de gevangenis onwettelijk gehandeld; zij zouden de federale wetgeving genaamd de Rehabilitation Act hebben overschreden, de wet die de burgerrechten van gevangenen met beperkingen bepaalt. De gevangenis van Michigan gingen in november van 2018 akkoord met een regeling waarbij geen van beide partijen schuld hoefde te bekennen.

De advocaten van Dorn noemde het akkoord een ‘overwinning’ omdat de gevangenis instemde hun beleid te updaten, zodat het overeen zou komen met de federale wetgeving. Daarbij ontving Dorn tevens 150.000 dollar. Dit vernieuwde gevangenisbeleid is meer in lijn met de huidige wetenschappelijke opvattingen omtrent de overdracht van het hiv-virus.

Gevangenen worden niet meer zomaar in eenzame opsluiting geplaatst.

“Voorheen werd het beleid gebaseerd op de veronderstelling dat een persoon met hiv anderen zomaar kan besmetten,” zegt Chris Gautz, woordvoerder. Zo werd er vroeger gedacht dat je hiv kon krijgen door iemand te zoenen, of zelfs via een handdruk.

Tegenwoordig zijn experts het eens dat hiv alleen via seks of bloed kan worden overgedragen. Wetenschappers hebben sindsdien ook sterke medicatie ontwikkeld in de vorm van antivirale middelen die het virus dusdanig onderdrukken dat het niet wordt overgedragen. Het Center for Disease Control (CDC) zei in 2017 dat deze medicatie dusdanig sterk is dat het vrijwel onmogelijk zou zijn voor mensen als Dorn, die dagelijks hiv-medicatie neemt, om een ander te besmetten met het hiv-virus.

Het nieuwe beleid van de gevangenis van Michigan houdt in dat de straf van hiv-positieve gevangenen die de regels overtreden bepaald zal worden door minstens twee onafhankelijke medische professionals, die bepalen hoe groot het risico op infectie daadwerkelijk is. Gevangenen worden niet meer zomaar in eenzame opsluiting geplaatst. Sterker nog, Gautz zegt dat er zelfs twee gevangenen juist uit de isoleercel zijn gehaald vanwege dit nieuwe beleid. “We zijn tevreden met de uitkomst van de zaak,” zegt hij.

Volgens Gautz is het nieuwe beleid van de gevangenis ironisch genoeg progressiever dan het beleid voor de niet-opgesloten bevolking van de staat. Michigan is namelijk 1 van de 25 Amerikaanse staten die bepaalde handelingen van hiv-positieve burgers criminaliseert.

Deze zogenaamde 'hiv-criminaliseringswetten' verschillen, maar bestraffen handelingen als het spugen en bijten van mensen zwaarder wanneer er een risico op hiv-besmetting meespeelt, zelfs al is dit risico volgens de CDC zeer laag tot nihil. Groepen als Lambda Legal en de ACLU zetten zich in om deze wetten af te schaffen, omdat ze gebaseerd zijn op verouderde wetenschap.

“Hoewel de wetten van de staat nog niet zijn veranderd, willen wij zo progressief mogelijk zijn op het gebied van beleid en ervoor zorgen dat ze tevens overeenkomen met federale wetten,” zegt Gautz.

Volgens de advocaat van Dorn, Richard Saenz, wordt er al jarenlang gediscrimineerd tegen hiv-positieve gevangenen. Wetenschappers ontdekten het virus dat aids veroorzaakt in 1983. Een jaar later, in 1984, werden vrijwel iedere gevangene in iedere Amerikaanse staat in quarantaine geplaatst, met als veronderstelling dat anderen geïnfecteerd konden worden door vluchtig contact.

Deze aanname bleek nogal een overdreven reactie te zijn. In de twintig jaar na 1983 werden de hiv-positieve gevangen weer geïntegreerd in de het algemene gevangenenbestand. In 2012 was South Carolina de laatste staat die stopte met het segregeren van hiv-positieve gevangen en de rest.

Het hiv-gerelateerde beleid van nu is wat meer genuanceerd; in plaats van quarantaine worden hiv-positieve gevangenen zwaarder bestraft. Het idee is dat mensen met hiv een dodelijk wapen in hun lichaam dragen, en dat daarom seks, bijvoorbeeld, zwaarder bestraft moet worden. Saenz en anderen zeggen dat dit tegen burgerrechten ingaat. Zijn firma, Lambda Legal, is momenteel andere gevangenissen aan het onderzoeken om te kijken of daar ook sprake is van achterhaalde regels, net als het eerdere beleid van de gevangenis van Michigan.

Gevangenisbewakers dreigen soms zelfs de hiv-status van gevangenen publiekelijk te maken.

“Met dit akkoord hopen wij dat andere staten zelf de stap zetten hun beleid aan te passen, net zoals Michigan heeft gedaan,” zegt Saenz.

Volgens Melissa Badowski, een farmaceut die gevangenen met hiv behandelt in Illinois, is het oneerlijk om met hiv-besmette gevangenen zwaarder te bestraffen. “Dus je vertelt me dat iemand met hiv nooit met iemand op de vuist kan gaan, omdat er dan bloed kan vloeien, alsof het de bedoeling is van een gevangene om iemand te besmetten?” vraagt ze rhetorisch. “Ik denk niet dat dat gepast is.”

In zijn tijd in de isoleercel kreeg Dorn nog steeds zijn hiv-medicatie, maar hij vertelt dat het erg moeilijk was om een eerlijk gesprek te hebben over zijn gezondheid met de medische staf van de gevangenis. “Elke keer dat ik uit mijn cel mocht komen, had ik handboeien en kettingen om,” zegt hij. “Je wordt door twee bewakers begeleid. Zij houden je aan een korte ketting vast, en ze hebben tasers."

Deze bewakers bleven in de kamer tijdens Dorn’s medische afspraken, vertelt hij. “Hierdoor kreeg ik het gevoel dat ik niet vrijuit met mijn dokter kon praten."

Over het algemeen gaat het gevangenissen redelijk af om hiv onder controle te houden onder gevangenen die bewust zijn van hun besmetting, volgens Badowski. Gevangenen krijgen dagelijks hiv-medicatie, waar zij buiten de gevangenis soms niet eens een dokter hebben of verzekerd zijn. In staten als North Carolina en Illinois hebben gevangenen zelfs betere waarden van virale suppressie — oftewel de hoeveelheid van het virus dat in het bloed zit — dan de reguliere bevolking, zegt Badowski.

Maar hiv-positieve gevangenen hebben met andere uitdagingen te maken. Hiv wordt enorm gestigmatiseerd in de gevangenis, waarbij veel gevangen hiv associëren met homoseksualiteit of het injecteren van drugs. Gevangenisbewakers dreigen soms zelfs de hiv-status van gevangenen publiekelijk te maken.

Dorn vertelt dat bewakers zijn hiv-status meerdere malen publiekelijk hadden gemaakt. En hoewel Gautz benadrukt dat bewakers geen toegang zouden hebben tot zijn medische gegevens, vertelt Dorn mij dat er in de gevangenis “geen geheimen zijn” en dat bewakers in verschillende gevangenissen zijn medegevangenen hadden verteld over zijn hiv.

“Mensen met hiv zijn geen verstotelingen, ze zijn net als ieder ander met een chronische medische ziekte.”

Er is momenteel geen duidelijkheid over wat er daadwerkelijk gebeurde, maar Badowski vertelt dat zij dit soort verhalen vaker hoorde van hiv-besmette gevangenen in Illinois. Maar ze heeft het nooit met eigen ogen zien gebeuren.

Hoewel sommige mensen waarschijnlijk de herinneringen van de isoleercel zouden wegstoppen, besloot Dorn zich te blijven inzetten tegen het beleid waardoor hij zelf een jaar in eenzame opsluiting zat. Het duurde uiteindelijk vier jaar totdat het beleid eindelijk werd aangepast. Hij is blij dat hij heeft doorgezet. “Ik wilde het uitzien,” zegt hij. “Ik wilde dat niemand dit ooit nog zou gebeuren.”

Vandaag de dag woont Dorn in Atlanta, waar hij een hoveniersbedrijf heeft en zich als vrijwilliger inzet voor probleemjongeren in zijn gemeenschap. Hoewel het “bitterzoet” voelt, hoopt Dorn dat dit akkoord het stigma tegen mensen met hiv verlicht.

“Mensen met hiv zijn geen verstotelingen, ze zijn net als ieder ander met een chronische medische ziekte,” zegt hij. “Met de moderne medicatie van vandaag kan iedereen met hiv een lang en gezond leven leiden. We zijn hetzelfde als ieder ander.”

]]>
a3m79jSony SalzmanTommy de BruijnHIVAIDSamerikavsgevangenisVerenigde Staten
<![CDATA[Dit is wat er met je lichaam gebeurt als je veel fastfood eet]]>https://tonic.vice.com/nl/article/j5zj5d/teveel-fastfood-is-slecht-voor-jeWed, 28 Nov 2018 14:42:55 +0000Twee weken terug reed ik samen met een vriend door de McDrive. We bestelden twee menu’s en een doos met tien kipnuggets, dus in totaal zo’n 1400 calorieën per persoon. We aten in stilte, voor ons uit starend alsof we in trance waren. Toen ik de laatste hap naar binnen propte, met wat zoetzure saus als glijmiddel, besloot ik dat ik minstens drie maanden zou wachten voordat ik mezelf weer zoiets zou aandoen.

Het was niet eens de plotselinge inname van al die calorieën die voor deze plechtige belofte zorgde, maar het intense en onmiskenbare gevoel dat ik praktisch aan zelfmutilatie aan het doen was. Toen Super Size Me uitkwam (in 2004), had dat weinig invloed op mijn fastfoodconsumptie. Ik was toen 27 en praktisch onverwoestbaar. In de 14 jaar sindsdien is er zoveel bewijs bijgekomen van de funeste gevolgen van fastfood dat ontkennen inmiddels nog moeilijker is geworden. Hier volgen slechts een paar gevolgen van geregeld (twee keer per week of vaker) fastfood eten voor je lichaam.

Je geheugen en cognitieve functies nemen af

Iedere keer als ik in een berg McDonalds-friet voor me heb staan hoor ik in mijn achterhoofd een stemmetje, die me influistert dat ik steeds slechter wordt in gezonde keuzes maken. En dat zou best wel eens waar kunnen zijn: “Het is welbekend dat verzadigde vetten een negatieve invloed hebben op je hart, maar daarnaast is er ook onderzoek dat uitwijst dat teveel verzadigd vet ook slecht kan zijn voor het functioneren van je hersenen en voor je geheugen,” zegt Marisa Moore, een voedingsdeskundige uit Atlanta.

Verzadigd vet is niet noodzakelijk de duivel, maar in grote hoeveelheden kan het een gevaarlijk ongebalanceerd dieet creeëren, vooral als je naarnaast vooral suiker eet — in plaats van goede vetten, koolhydraten en proteïne. In een onderzoek uit 2015 van de Oregon State Universiteit kwam naar voren dat een dieet rijk in vet en suiker een verandering in darmflora kan veroorzaken, die verband hield met een aanzienlijk verlies van ‘cognitieve flexibiliteit’, oftewel hoe goed je reageert op veranderende situaties en jezelf kan aanpassen.

Het kan het risico op depressies verhogen

‘Happy Meal’ is eigenlijk een nogal ironische naam: mensen die geregeld fastfood eten hebben namelijk 51 procent meer kans om depressief te zijn, en het is ook waarschijnlijker dat ze single zijn, lange dagen werken, minder fruit en groente eten, én roken. Dit alles volgens een onderzoek uit 2012. En hoewel therapie en medicijnen de beste mogelijkheden bieden om depressie te bestrijden, kunnen ook voedingstoffen als vitamine B en Omega 3S volgens (preliminair) onderzoek tot een verlaagde kans op depressies leiden. En die vind je natuurlijk niet echt (of echt niet) in fastfood.

En ook de kans op obesitas is groter

Als je een gebalanceerd dieet inruilt voor eentje dat voornamelijk bestaat uit fastfood zal je veel meer lege calorieën gaan consumeren bij elke maaltijd. Binnen korte tijd zal dit een duidelijk effect hebben op je lichaam en gezondheid in het algemeen. “Fastfood bestaat uit eten met een hoog caloriegehalte, een hoge mate van koolhydraten en suiker, en weinig tot geen vezels,” aldus diëtist Jim White uit Virginia Beach. White legt uit dat als je vaak dit soort dingen eet kan leiden tot een resistentie tegen insuline en dus kan zorgen dat je snel aankomt. In een recent onderzoek werd gekeken naar het verband tussen fastfoodconsumptie en obesitas in kinderen, en ook daar kwam een voorspelbaar maar grimmig plaatje uit.

Oh, en je verhongert

In ieder geval wat betreft voedingswaarde. Aangezien de grote hoeveelheid calorieën in fastfood maar weinig voedingswaarde hebben, zal een overdaad aan burgers en patat ervoor zorgen dat je niet genoeg voedingsstoffen binnenkrijgt om goed te functioneren. “Je lichaam zit tijdelijk vol met leeg voedsel dat niet genoeg nuttigs bevat. Hoewel je dus eventjes behoorlijk vol zit, dankzij alle calorieën die je hebt gegeten, zal je er niet lang op kunnen teren,” zegt Shapiro.

Je kan de kans om kanker te krijgen vergroten

In een onderzoek door het National Toxicology Program van het Amerikaanse ministerie van Volksgezondheid is te lezen dat een stofje genaamd 2-methylimidazol kanker veroorzaakt bij laboratoriumratten. En laat dit nou net een ingrediënt zijn van een kleurstof die te vinden is in veel donkere sauzen en frisdrank. En daar blijft het niet bij. Wat ook in die kleurstof zit is 4-methylimidazol. Onderzoekers die de effecten van dit stofje ook op knaagdieren testten concludeerden dat er “duidelijk bewijs was van carcinogene [kankerverwekkende] activiteit van 4-methylimidazol in mannelijke en vrouwelijke B6C3F-muizen.”

Shapiro zegt ook dat gefrituurd voedsel dat op hoge temperaturen wordt gebakken kankerverwerkkende stoffen kan bevatten; dit is een gevolg van olie die te heet wordt, of vlees dat verkoold wordt. “Mogelijk gebruik van pesticiden, antibiotica en hormonen in vlees van slechte kwaliteit kan ook bijdragen aan een hogere kans op kanker,” zegt ze, en dat zonder de inname van fruit en groente — die van nature rijk aan anti-oxidanten zijn — fastfoodliefhebbers niet de stoffen binnenkrijgen die ze nodig hebben om het kankerverwekkende effect van hun maaltijden tegen te gaan.

En je loopt ook meer risico op hart- en vaatziekten

Vetten die doorgaans in fastfood gevonden worden bestaan uit verzadigde vetzuren. Dit zijn vetten die op kamertemperatuur vast zijn, van dierlijke of plantaardige afkomst. Een cheeseburger bijvoorbeeld zit er vol mee. Jim White waarschuwt dat dit soort vetten het cholestorolgehalte in je bloed kan laten stijgen, wat weer een verhoogd risico op hart- en vaatziekten met zich meebrengt. Alleen al in de buurt wonen van fastfoodketens kan het risico hierop verhogen: in een Nederlands onderzoek, die gepubliceerd is in het European Journal of Preventive Cardiology, was te lezen dat volwassenen die binnen een radius van ongeveer een kilometer van fastfoodrestaurants wonen, een grotere kans hebben op hartziektes dan mensen die verder weg wonen.

Tot slot: je raakt geheid verstopt

Vezels (vaak te vinden in groente, fruit, granen, noten en zaden) zijn enorm belangrijk voor je spijsvertering. Vezels zorgen ervoor dat je spijsvertering goed werkt, door afvalstoffen uit het lichaam af te voeren. Ook helpen ze met het verlagen van cholestorol en het normaliseren van je bloedsuikerspiegel. “Helaas bevat maar weinig fastfood genoeg vezels,” zegt White. En inderdaad: ook de National Institutes of Health geven aan dat je het beste fastfood kan vermijden als je een opstopping wil verhelpen.

]]>
j5zj5dGrant StoddardTommy de BruijnetenKankergezondheiddieetgezond etenhart- en vaatziektenongezond etenfysieke gezondheid