Ik ben vegan en help sporters met mijn kennis van plantaardig eten naar de top

Saraï Pannekoek (31) gelooft niet dat alle sporters alleen maar kip en kwark moeten eten.

|
jun. 12 2018, 10:30am

Na het hbo woonde ik een tijdje in Amerika, waar ik als au-pair werkte, en ik moest daar credits verdienen om mijn visum te behouden. Ik besloot een willekeurige cursus te gaan doen over sport en voeding, en was eigenlijk meteen verkocht. Toen ik terugkwam naar Nederland, ben ik de opleiding Voeding en Diëtetiek gaan doen.

Inmiddels ben ik alweer zes jaar werkzaam als diëtist. In mijn huidige werk als sportdiëtist heb ik natuurlijk een heel specifieke doelgroep: sporters. Daarbinnen is echter veel variatie: van amateursporters tot Olympische atleten, en alles wat daartussenin zit. Wat leeftijd betreft kan het ook erg verschillen: ik heb cliënten tussen de 13 en 40 jaar oud.

Om bij topsporters zo efficiënt mogelijk te werk te gaan, vorm ik samen met een fysiotherapeut, psycholoog en verschillende artsen een team. Wanneer een arts bijvoorbeeld een lage ijzerstatus signaleert bij een cliënt, schrijf ik een ijzerverrijkt dieet voor en ben dan de schakel die ervoor zorgt dat de sporter zo snel mogelijk weer gezond wordt. Dat vind ik heel vet: dat ik door middel van voeding iemands prestaties positief kan beïnvloeden.

Het moeilijkste aan deze baan vind ik het omgaan met cliënten die mogelijk of overduidelijk een eetprobleem hebben. Voor mij is het vooral lastig wanneer ik zie dat er weinig verbetering in het behandeltraject zit, en deze sporters de controle niet los durven te laten maar nog wel wedstrijden willen blijven doen. Je ziet hoe ze met zichzelf in de knoop zitten, en dat vind ik erg confronterend.

Je kunt tegelijkertijd voor betere sportprestaties én voor de wereld zorgen.

Onder sporters zie ik verstoord eetgedrag steeds vaker voorkomen. Vaak zijn het enorm perfectionistische types. Ook onder mannen komt het steeds vaker voor, terwijl eetstoornisproblematiek bij mannen nog vaak een ondergeschoven kindje is qua bekendheid en behandelingen. Ik merk ook dat zij het moeilijker vinden om hun eetproblematiek met mij te bespreken, en ze het vaak lastig vinden überhaupt te erkennen dat ze een probleem hebben. In de media gaat het dan ook bijna altijd over vrouwen met eetstoornissen. Vaak heb ik met sporters privégesprekken over hun persoonlijke situaties: die kunnen namelijk van invloed zijn op het behandelplan. Als het nodig is, wordt daar ook een psycholoog bij betrokken. Ik spreek met de sporters altijd af wat ik wel en niet met de trainer mag bespreken: sommige dingen zijn heel privé, en de trainer hoeft ook niet alles te weten.

Zelf eet ik inmiddels alweer vier jaar veganistisch, en twee jaar geleden ben ik ook meer plantaardige voeding door gaan voeren in mijn werk. Het begon een beetje te wringen dat ik in mijn werk nog wel zo veel met dierlijk voedsel werkte, want daar komt het vaak op neer in de wereld van sportvoeding. Ergens voelde dat niet goed. Toen ben ik gaan kijken hoe ik meer plantaardige voeding op een wetenschappelijk verantwoorde manier kon integreren in het voedingspatroon van sporters en topsporters, zonder dat hun prestaties eronder lijden. Er zijn best weinig sportdiëtisten in ons land die serieus met plantaardige voeding werken. Ik geloof er sterk in dat je tegelijk beter voor jezelf en je prestaties, én voor de wereld kan zorgen.

Het komt ook wel voor dat cliënten iets op het eerste gezicht heel vies vinden, zoals hummus. Vervolgens verwerk ik het gedurende een weekje in hun dieet, en vinden ze het opeens heel lekker. Toch is het niet zo dat alle sporters die ik begeleid volledig plantaardig eten, hoor. Zo lang ze er maar voor openstaan. Ik werk veel met groenten, zaden en peulvruchten, maar uiteindelijk beslissen ze natuurlijk zelf wat ze in hun mond stoppen. Wel hanteer ik de regel: als je als sporter niet openstaat voor nieuwe voeding en niet wil verkennen wat er allemaal mogelijk is, kun je sowieso beter bij een andere diëtist aankloppen dan bij mij.

Ik merk nu dat veel collega’s steeds nieuwsgieriger beginnen te worden naar plantaardige voeding.

Ik heb van collega’s ook weleens negatieve reacties gehad op mijn plantaardige werkwijze. “Nou, ik vind wat jij doet wel een beetje overdreven, want sporters hebben gewoon kip en kwark nodig,” zeiden ze dan bijvoorbeeld. Ik vind dat veel te kort door de bocht. Ook heb ik weleens te maken met sporters die zeiden: “Ik zat hiervoor bij een andere sportdiëtist, en die zei dat ik vlees moet eten, omdat ik anders nooit de top zal halen.” Dat vind ik super onzinnig, en ik ben het daar uiteraard totaal niet mee eens. Toch merk ik nu dat veel collega’s steeds nieuwsgieriger beginnen te worden naar plantaardige voeding. Ze zien dat het de sporters die ik begeleid resultaten oplevert, en dat zou natuurlijk niet mogelijk zijn als ze ongezond waren.

Van sommige cliënten blijft herinnering wel bij me hangen. Ik herinner me een heel grote jongen die op vrij hoog niveau aan een teamsport deed, maar toch een beetje chubby was. Op aandringen van zijn coach kwam hij toen bij mij. Hij vond alles wat ik deed en zei wel interessant, maar stond nou niet bepaald te springen om ook echt iets met mijn advies te doen. Uiteindelijk gaf hij er toch maar aan toe, en hebben we een paar basisregels in zijn dieet geïmplementeerd: beter op porties letten, en gezondere keuzes aanhouden, op een heel speelse en toegankelijke manier. Na twee maanden was hij al enorm vooruitgegaan en kreeg ik complimenten van zijn coach, omdat hij door zijn fitheid zulke goede prestaties had geleverd tijdens zijn wedstrijd. Uiteindelijk doet de sporter het natuurlijk zelf, maar mijn advies draagt daaraan bij. Dat is heel fijn.

Een tijdje terug begeleidde ik ook een turnster van 13 jaar, die in een heel belangrijke fase van haar carrière zat. Turners beginnen vaak vroeg met hun loopbaan: als ze 12 zijn, trainen ze vaak al meer dan twintig uur per week. Dan moet je er natuurlijk rekening mee houden dat ze in de puberteit komen en hun groeispurt krijgen, en dat heeft invloed op de energielevels. Dit meisje zag er heel vermoeid uit, en ze had zelf geen idee hoe het nou eigenlijk kwam – al had ik al zo mijn vermoedens. Met een bepaalde formule die wij daarvoor gebruiken, kon ik zien wanneer haar groeispurt eraan zou komen. Daaruit bleek dat ze er al middenin zat. Ik heb toen contact opgenomen met haar trainer, en samen hebben we besloten dat ze minder zou gaan trainen. Wanneer je middenin je groeispurt zit, gebruikt je lichaam namelijk veel meer energie – en als al die energie opgaat aan trainen, verloopt je groeispurt veel moeilijker. De kans op blessures wordt daarmee ook groter. Bij haar zagen we ook heel snel dat ze zich beter voelde.

Voor Anderzorg verzorg ik, samen met een paar collega-diëtisten, gemiddeld één keer in de twee weken op woensdagavond hun WhatsApp-Spreekuur. Leden van Anderzorg, maar ook mensen die elders verzekerd zijn, kunnen ons tijdens het Spreekuur vragen stellen via WhatsApp. De vragen die op zo’n moment binnenkomen zijn heel gevarieerd: sommige mensen willen weten wat ze het beste kunnen eten voor het ontbijt of de lunch, of variatietips daarbij. Andere mensen willen bijvoorbeeld vet aan hun buik verliezen, weer anderen trainen voor een marathon en hebben daarbij mijn hulp nodig. Het is een heel toegankelijke dienst, want mensen zitten thuis gewoon op de bank en kunnen ons dan een appje sturen. Vaak hebben ze geen zin in enorme poeha, maar willen gewoon een kort antwoord van een diëtist die hier verstand van heeft. Dat is echt de meerwaarde van zo’n dienst: het zijn geen zelfbenoemde experts, maar mensen die echt weten waar ze over praten.

Het mooiste aan mijn werk vind ik het samenwerken met mensen die bereid zijn keihard te trainen en die openstaan voor verbetering. Zeker wanneer ik die mensen dan over de voordelen van meer plantaardige voeding vertel, en er een lampje lijkt te gaan branden. Het mooiste is natuurlijk wanneer ze bereid zijn daarmee te gaan experimenteren, dat je ze bewust kan maken van bepaalde keuzes die ze maken. Keuzes die niet alleen invloed hebben op henzelf, maar ook op de wereld. En als sporters dan vervolgens een medaille binnenslepen op een EK, WK of de Olympische Spelen, sta ik ook te glunderen van trots.


Wil je ook een vraag stellen aan de experts van 'I’m a Foodie'? In juni kun je gratis gebruik maken van het spreekuur via WhatsApp. Op woensdagavond 20 en 27 juni zitten de diëtisten tussen 18:00 en 21:00 voor je klaar. Klik hier voor meer informatie.